Trekkingsdag 24, Machermo, ‘Mordor’

Trekkingsdag 24, Machermo, 14-11  

De volgende ochtend is het weer net zo gezellig, nu moeten we ons aankleden in deze verschrikkelijke kou. Dat is best een uitdaging. Daarna hebben we weer het ontbijt probleem. Gister heb ik rijstepap besteld. Voor het eerst sinds tijden verheug ik me enigszins op het ontbijt. Het duurt weer een eeuwigheid.

Ik krijg een kop melk met daarin gekookte rijst. “Huh, maar dit is toch geen rijstepap?” Marina lacht, “Ja dit is rijst en melk”. Ik eet met lange tanden. Gadverdamme. Ik had zo gehoopt op wat anders. “Zeg dan dat je wat anders wilt.” “Nee, ik ben bang dat ze hier toch niks mee doen. Ik moet maar gewoon leren wat nederiger te leven. Het is eten.” Na een paar happen begin ik weer. “Ja, maar kijk nou het smaakt ook gewoon naar niks” “Ja, maar je moet wel wat eten kuikentje”, zegt Marina. Ik lach, “ja maar jij bent toch m’n vogeltje ik moet jou toch voeren?” “Nee, kijk vogeltje heeft oatporridge met appel, pff is lekker hoor.” Ik kijk naar haar pap met stukjes appel. Kijk dat is wel pap ik heb gewoon melk met rijst.

Na een half uur geef ik het op ik heb de helft geprobeert te eten. De jongen komt langs om alles op te ruimen. “Hé noemen jullie dit rijstepap?” Hij lacht, “Ja dat is rijstepap, dat wou je toch.” “Aangezien je lacht, weet ik zeker dat jij dit ook belachelijk vindt, je moet de rijst in de melk koken! Niet gekookte rijst in de melk gooien!” vul ik nog even aan, maar hij heeft er echt geen boodschap aan.” Zo krijg je het overal hoor. Sorry” Ja sorry daar heb ik niks aan…  

Marina maakt zich klaar voor de Gokyo ri. Ik voel me nog steeds een zacht ei. De rijst zweeft ook nog ergens in mijn buik. Bah ik ben nog steeds misselijk. Marina wilt samen met mij terug naar Namche lopen. Ik vind het gezellig met haar, maar waarschuw wel dat ik niet zo snel ben. Ze heeft ook nog redelijk wat tijdsdruk over drie dagen moet ze in Lukla zijn. Ze wilt koste wat het kost toch de Gokyo ri beklimmen. “Ik kan best wel op je wachten hoor” “Ja maar als het te lang duurt dan ga je maar hoor.”

Ik loop een beetje door het drop, eindig uiteindelijk weer in de bakery, vanaf daar heb ik een mooi uitzicht op de Gokyo ri. Ik zie haar nog niet terug komen. Ik drink thee en lees in mijn boek. Af en toe kijk ik naar de berg, opzoek naar haar groene jas. Na een hele tijd zie ik haar pas naar beneden lopen. Ik time het perfect, zodat ik beneden haar gelijk tegen het lijf loop.

Ze lacht. “Little colibri” zegt ze met haar Spaanse accent. Ik geef haar een knuffel. “Hoe was het?” “Ja heel mooi.” “Ik was de hele tijd opzoek naar je groene jas, maar later bedacht ik me dat je die misschien wel uit had gedaan.” Ze lacht, “ja ik had hem ook een stukje uitgedaan. Eigenlijk is het helemaal niet zo ver hoor. Ik bleef best wel lang boven omdat ik fotos wou maken van het uitzicht, maar me telefoon was vol dus ik moest eerst wat dingen verwijderen.” Ik lach, “aah zal je net zien.” Toch wat foto’s kunnen maken?” Ze laat me wat zien. Je kunt alle vijf de meren zien is echt heel mooi. Eigenlijk mis ik niks de vijf meren heb ik nu ook gezien alleen niet vanaf boven. Ergens vind ik dat best wel jammer, aan de andere kant is het een goed leerproces.

We pikken onze backpack op bij de lodge en gaan dan op weg naar Machermo een plaatsje tussen Gokyo en Namche in. We lopen nu langs de meren wat een prachtig gezicht. Het is echt genieten. Toch loop ik nog steeds langzaam. Marina spoort me aan. “Ik ben net zo een yak rijder die je aanspoort. Je moet niet steeds stil staan, daar word je alleen maar vermoeider van.” Ik loop nu een stuk flink door, maar moet toch even uit hijgen. “Kijk dat moet je dus niet doen” “Ja wel, ik moet even thee drinken”. Ik graai in me tas en, en euhmm, de energy repen van onze Spaanse oom. “Ja dat is misschien wel een goed idee, daar krijg je wat energie van, je hebt ook weer haast niks gegeten he.” Ik neem een hap van de dubieus uitziende reep, hmm best wel lekker hoor.” Het lijkt wel of de reep echt werkt, want ik voel me na een tijdje oprecht een stukje beter en loop wat sneller door. Is dit goed Marina? “Ja ik ben trots op je kleine kolibrie, je loopt lekker door, we gaan het halen voor het donker word!”

De weg is wat dat betreft ook redelijk vlak, een mooie wandeling. We moeten over een soort brug waar onder een flinke waterval raast. Er komt ook een flinke wind opzetten. “Het lijkt net Mordor” zegt Marina “Trow the ring Sam. Come on, do it!” Ze lacht. We lijken inderdaad een stel hobbit’s op weg naar.. geen idee. Mochermo klinkt ook best wel Italiaans, maar het is gewoon een simpel dorpje hier in de Khumbu.

We lopen door de heuvels. Weelderige landschappen en zand wisselen elkaar af. Na een flink aantal uur lopen wordt het steeds kouder en er komt ook een flinke mist opzetten. We kleden ons nog wat warmer aan en gaan dan weer verder. In de verte zie ik een lodge. “Nee dat kan het niet zijn”, zegt Marina, “het is toch wel een groter dorpje lijkt me.” “We kunnen in ieder geval even vragen of we goed gaan. Een vrouw wijst een richting uit. Was ook wel vrij duidelijk dat de weg hier gewoon verder gaat.

Nog een uur en dan zijn we er. Ik ben kapot. Maar ik kan nog wel verder. “Wil je niet liever door naar Dolé?” Marina kijkt me twijfelachtig aan. “Na kunnen beter hier blijven toch, jij bent ook moe.” “Ja, maar goed jij bent bang dat we morgen Namche niet halen, alles wat we nu lopen hoeven we morgen niet meer te doen.” “Ja dat is waar, maar kijk naar het weer, het begint helemaal te betrekken.” “Ja, je hebt gelijk laten we hier een lodge zoeken.”

We staan boven op de berg met uitzicht op de beneden gelegen lodges. Als twee masterminds bedenken we welke lodge het beste zou zijn. Iets groots, of juist iets kleins. Marina: “Laten we naar die lodge gaan, daar komt het meeste rook uit de schoorsteen, daar is het vast warm.” Ik moet lachen om haar geweldige beredenering. “Zal je net zien dat ze hem alleen nu aan hebben en als wij er zijn niet.”

Het is een simpele lodge, maar wij zijn inmiddels wel wat gewend. De eigenaar is vriendelijk en wijst ons een kamer. Hoewel ik het alleen lopen niet erg vind en zelfs als een soort meditatie zie, vind ik het ook wel leuk om nu een maatje te hebben en dingen te kunnen delen. Misschien voel ik zelfs iets meer dan een maatje, maar dat laat ik nog even in het midden…

In de dinninghal word het me meer en meer duidelijk. Ik eet soep en Marina een bord aardappelen. tot onze grote teleurstelling, blijft de kachel uit. Marina leert me een spaans kaartspelletje en ik leer haar daarna pesten. Na een tijdje is het tijd voor ons avondeten. Althans we hebben nogsteeds trek. Ik bestel kaasballetjes welke echt verrukkelijk zijn. Eigenlijk is het aardappel vermengt met kaas en paneermeel en dan gebakken. Er is ook een groepje luidruchtige Russen. Uiteindelijk gaat de kachel dan toch wel aan. We zitten gelijk eerste rang bijna tegen de kachel aangeplakt. Marina haalt haar slaapzak en legt hem bij de kachel, dat deed ze in Gokyo ook al. “Dan kan hij lekker voorverwarmen”, zegt ze.

Die avond is het erg koud, we staan vroeg op. Ik heb een rijste pap welke dit keer wél echt rijste pap is. dat had ik nog even expliciet na gevraagd voor ik het bestelde gisteravond. Dit is de laatste etappe naar Namche. Ik verlang naar ‘huis’, naar namche meer dan ooit tevoren. Toch voel ik me nog steeds niet zo lekker. “Je moet wel wat eten,” zegt Marina. “Vind je het niet lekker?” “Jawel het smaakt me goed. Maar ik heb geen trek ik krijg het gewoon niet weg…

follow us:
Facebooktwittergoogle_pluspinterestrssinstagram

Geef een reactie