Trekkingsdag 19, Gorakshep ‘de finale’

Trekkingdag 19, Gorakshep, 9-11

De weg naar Gorakshep is erg zwaar. Het is het hoogste punt 5164 meter, waar ik zal overnachten. Het eerste stuk is vrij vlak en ik wil doorlopen, maar mijn benen gaan gewoon niet sneller. Dat komt door de hoogte. Het is een soort uitgestrekt veld en ik hap naar lucht en naar lucht. Opeens komt Or me inhalen. “Hé hoe gaat het met jou? Ik dacht dat je allang weg was?” Hij lacht: “Mijn groepje is al op me vooruit, ik kon vanochtend echt niet wakker worden, ik had echt even wat extra tijd nodig.”

We lopen een stukje samen. Maar ik moet stoppen en daarna weer stoppen om te rusten. Mijn piepende gehijg is niet om aan te horen. “Gaat het wel?” “Ja ik voel me prima, alleen me ademhaling is steeds een probleem. Ga jij maar, je hoeft niet steeds op me te wachten hoor. Ik doe het gewoon rustig aan.” Dit is precies de reden waarom ik graag alleen wil lopen. Ik loop nog een stuk samen en plof dan neer op een verdwaalde rots. “Ik moet echt even rusten, sorry.” Hij geeft me een chocolaatje. “Hier, dat helpt, krijg je energie van.” Ik lach, “thanks, maar ik heb een tas vol van die onzin, maar ik heb geen eetlust ik krijg het niet weg, veelte zoet. Ga jij maar. Wil je een kamer voor me reserveren als je in Gorak Shep bent?” Hij heeft hetzelfde aan zijn vrienden gevraagd. Gorakshep is niet zo groot er zijn maar een handje vol lodges en zoals gister in Lobouche merkte ik al dat het snel vol raakt. Het zal mij toch niet gebeuren dat ik geen slaapplaats heb. Or is heel behulpzaam en zegt gelijk, “ja natuurlijk zorg ik dat je een slaapplaats hebt, maak je geen zorgen.” Hij loopt door.

Als ik ben uit gehijgd ga ik ook weer op pad. Rustig aan, dan hou ik het langer vol. Ik merk dat, dat beter gaat dan mezelf te frustreren met het feit dat ik sneller wil dan mijn lichaam kan. Na een flink eind over het Nepali vlakke gedeelte, moet ik toch echt een stuk de bergen in. Klauwterend over rotsen en bergpassen en dan is daar het eerste uitzichtpunt op Everest base camp. Wauw! Voor alsnog zo ver weg… en toch al heel dichtbij! Het voelt onwerkelijk.

Ik loop verder over de bergen en rotsen tot ik uiteindelijk weer een stukje kan afdalen. Hehe eindelijk. In de verte zie ik het dorp Gorakshep. Het is een veld van zand en het lijkt net een woestijn, hoe bizar is dat? Ik weet niet wat ik precies had verwacht, maar een veld vol zand in ieder geval niet. Het is in de zon ook nog eens best wel warm. Als ik de bergen weg zou denken dan zou je bijna denken dat ik op het strand ben. In de verte zie ik mensen zelfs frisbeen. En zeg nou zelf, waarom ook niet?

Terwijl ik verder naar beneden loop word er naar me geroepen. “He, excuse me! You have to buy your ticket here!” Ik kijk naar boven er hangt een jongen uit het loket met daarop checkpoint. Oh,  hoe kan ik dat nou gemist hebben? Ik loop naar het loket om mijn ticket te kopen, eigenlijk is dat weer hetzelfde verhaal, een briefje welke je inlevert in ruil voor je slaapplaats. Ben jij toevallig Taryn? Hij spreekt m’n naam een beetje vreemd uit, maar het is duidelijk dat hij mij bedoelt. “Ja dat klopt.” “Ah je vriend heeft al voor je betaald. Zie je die grote lodge met het blauwe dak? Daar is hij” Ik gniffel, het heeft dus gewerkt.

Ik loop naar de lodge met het blauwe dak het heet iets met snow house nog wat. Het zal wel kloppen. Ik vraag bij de receptie naar mijn Israelische vrienden. Hij zoekt naar de sleutel hij weet dat ik zou komen, maar de sleutel is zoek. Ik denk dat zij jouw sleutel hebben. Hij geeft me hun kamer nummer, maar de kamers zijn op slot. Ik loop weer terug naar de receptie waar de man mij een andere kamersleutel geeft. “Volgens mij zijn ze naar Basecamp vertrokken. Hier, dan kun je in ieder geval alvast inchecken. Dan kijken we zo wel even hoe het nou zit met de sleutels.

Ik heb een single room. Voor het eerst tijdens mijn trek heb ik een kamer met maar 1 bed. Het is niet echt de meest geweldige kamer van het gebouw. Het is een muffig hok en er is letterlijk karton tegen de muur gespijkerd. Normaal gesproken bestaan de kamers uit super dunne triplex plaatjes wat ook niet veel geluid tegen houdt. In mijn kamer in Tengbouche kon ik leuk meegenieten van het stel in de kamer naast mij. Zelfs mijn oordoppen konden het geluid niet tegenhouden…

In de hoek van de kamer staat een grote accu van het een of ander en het ruikt er naar benzine. Hier moet ik het vanavond maar mee doen. De kamer geeft me hernieuwde motivatie. één nacht is mij meer dan genoeg. Dan betekend dus dat ik nu weg zou moeten. Ik kies voor Kalla Patthar. Het zien van Everest in het gloeiende zonlicht van de zonsondergang is een droom die hopelijk nu eindelijk in vervulling mag gaan.

follow us:
Facebooktwittergoogle_pluspinterestrssinstagram

Geef een reactie