Trekkingsdag 20, Everest basecamp ‘blij met een ei’

 

Trekkingsdag 20, basecamp vanuit Gorakshep, 10-11

Het is ochtend ondanks mijn oordoppen hoor ik buiten geluid van schreeuwende Nepalezen. Mijn ogen zijn open, maar ik wil nog niet opstaan. Het is ijskoud. Mijn adem maakt wolkjes in de lucht. Ik lig te wachten tot Yara mij komt wekken. Wat niet lang duurt. Ik hoor geklop op mijn deur. Yes! Schreeuw ik door het karton heen. “Did you take my advice?”, vraagt ze lachend. Yes! We lachen.

Beneden vertelt ze mij dat ze een hele tijd wakker lag, omdat ze moest plassen en er niet uit wilde. Toen ze eenmaal de moed had verzameld, opende ze de deur, op dat zelfde moment gingen er in de gang nog meer deuren open en kwamen er allemaal mensen met hun hoofdlamp om de hoek kijken. In een rij van wel 4 mensen moest ze wachten voor ze eindelijk naar de wc kon. “Maar daar had jij natuurlijk geen last van”, knipoogt Yara.

Ze gaan beginnen alvast aan hun tocht naar Kala Phattar, terwijl ik mijn pannenkoek voor ontbijt opeet. Ik twijfel of base camp het nog wel waard is. Ik heb Everest toch al gezien, bovendien zegt vrijwel iedereen dat er geen reet aan is. Het is slechts een stapel stenen met een bordje base camp. Het daadwerkelijke kamp is er nu niet, het seizoen is alweer over. “Basecamp is voor jou een eitje”, hoor ik Or nog zeggen. Dus vol goede moed ga ik op pad. Het is tenslotte waar ik voor gekomen ben.

Mijn weg door het zand en dan over een soort bergpass. Zo simpel is het dus niet. Het is nog steeds 5000meter hoog en daardoor best wel zwaar. Het blijkt ook nog eens veel verder dan ik dacht. Opnieuw heb ik te dealen met de frustratie dat ik niet sneller kan lopen vanwege het zuurstof gebrek. In de verte zie ik een geelbord. He is het hier? Nou dat lijkt me niet hier boven op de berg.

Ik zie het pad verder afdalen. En ik ga dan over een stel rotsen, daarachter zie ik de prayer vlaggetjes al flapperen in de wind. De berg rotsen zijn behangen met tshirts, vlaggen, foto’s en weet ik wat nog meer. Ik maak een paar te gekke foto’s met het base camp bordje in mijn hand. Toch een gevoel van trots als ik daar dan sta. Ik heb het gewoon gehaald joh! Gister kala phattar een flinke klim, en vandaag een lange dag naar base camp! Sta ik dan toch maar mooi wel even. Mijn dromen, komen uit! Ik kan het niet geloven.

Basecamp Everest

Ook ik hang mijn prayer flags op. en stapel een viertal stenen als mani rock op elkaar, in gedachten symboliseren ze mijn familie. Mijn vader de stevige rots als basis, dan mijn moeder, mijn zus en als laatste het kleine steentje ikzelf. Allemaal leunen ze tegen elkaar aan. Op die manier zegen ik mijn familie op een van de meest bijzondere plekken op aarde. Base camp is voor mij de voet van de berg de poort naar de summit van de hoogste berg ter wereld. Het hoogst haalbare. De poort naar de hemel. Deze tocht was niet alleen voor mezelf. Deze tocht was om mijn vader te eren! Daar nog veel veder, hoop ik dat mijn vader naar beneden kijkt en dezelfde trots voelt.

stenen

Opeens hoor ik achter mij gejoel, Taryn!!! Hij zijn de mannen die ik gister heb ontmoet op kala phattar. “Taryn, je hebt het gehaald wat knap!” Pas als het zo letterlijk tegen mij word gezegd dringt pas tot me door wat voor ongelofelijk doel ik heb behaald. Er zijn mensen die hier alleen maar van kunnen dromen. Maar ik droom allang niet meer. Ik weet soms niet eens meer wanner ik nou droom of wakker ben. Alles waar ik ooit van droomde word werkelijkheid.

De mannen, in dezelfde leeftijd als mijn vader, maken het moment extra bijzonder. Het is net of ze willen zeggen wat mijn vader zou doen. “Taryn, we zouden het leuk vinden als je samen met ons komt lunchen, we zitten daar op de rotsen”. Ik heb geen eten mee genomen, ik dacht dat ik wel weer vroeg terug zou zijn in Gorakshep, maar het is al bijna 12uur s’middags. Ik heb inderdaad wel trek.

Ik neem plaats op een van de rotsen tussen de heren die net als ik in alle staten van blijdschap zijn, voor het behalen van dit bijzondere doel. Ik krijg weer een bekertje hot lemon. “Lust je ei?” Vraagt een van de mannen, ik geloof dat hij de oudste is ergens in de 60. “Wil jij ze niet?” “Nee, ik heb niet zo een trek in ei.” “Oh ik lust dat wel hoor.” Hij geeft mij twee gekookte eitjes verpakt in aluminiumfolie. Ik pel het eitje en eet hem vol smaak op. Een van de mannen geeft mij een stuk ‘donut’ en weer een ander zijn nootjes en m&m’s. Vanuit alle hoeken word er eten naar me toe geschoven. “Oh dat hoeft echt niet hoor, dank jullie wel.” “We vinden het gezellig om met jou te lunchen en we hebben toch veelte veel.” Ik eet wat van de nootjes en de donut, de rest stop ik in mijn tas voor later.

Ik loop alvast op de heren vooruit, bij het gele bord blijf ik wachten. Ik zie ze al naar boven komen. Ze moeten even uitrusten voor we verder gaan. Ik vraag aan hun guide, “waarom staat het bord basecamp eigenlijk hier?” Hij begint te lachen. “Nou dat is me een verhaal. Je kent de Nepali inmiddels? De borden zijn door de overheid neergezet als onderdeel van het NP. Er was dus een man ingehuurd om het bord naar boven te slepen, hij was er helemaal klaar mee, hij werd niet echt rijkelijk beloond en heeft hem toen maar hier neergezet.” Ik moet lachen, het klinkt inderdaad als een verhaal van een Nepalees.

We lopen samen naar beneden. Halverwege rusten we nog eens op wat rotsen. “Vertel eens iets over Amsterdam?” ik weet niet zo goed wat ik daarover te vertellen heb. Dan gaat het gesprek over studie en werk. We gaan weer terug naar Gorakshep. Een van de heren is daar nog, hij wacht op zijn helikopter terug, hij is ontzettend ziek geworden. Het weer is te slecht voor de heli om te landen. Hij zal dus samen met hun naar beneden lopen. Ik neem afscheid van ‘de sharks’ mannen op de zandvlakte.

Ik ben uitgeput tuurlijk, maar een nacht langer hier blijven is geen optie. Ik pak mijn tas en ga terug naar Lobouche… Het is immers bergafwaarts dat moet te doen zijn. Wat ik echter niet weet is dat het een helse tocht wordt…

 

 

 

follow us:
Facebooktwittergoogle_pluspinterestrssinstagram

Geef een reactie