Jaisalmer, ‘de gouden stad van India is zand’

Jaisalmer 10-1

De golden city Jaisalmer

Na wederom een enorm lange busrit naar Jaisalmer, kom ik aan in het hostel. Jaislamer zou in de serie van Pink city, (Jaipur) Blue city (Jodhpur), de golden city zijn. Deze stad doet dan nog het meest zijn naam eer aan; tenminste als je het zand als goudkleurig ziet.

Het hostel is in een hotel wat het allemaal een beetje verwarrend maakt. De hostel eigenaar is in de kamer daar is nog een stel. Twee Italianen uit Sardinië om precies te zijn. De jongen is een beetje ziek en ligt op bed met koorts.

De hosteljongen

De hosteljongen begint een heel levensverhaal en ik durf hem niet te onderbreken. Hij haalt ons over om naar het dakterras te kopen voor thee. De jongen komt met moeite overeind, “nee ik blijf liever liggen”. 

“We hebben elkaar al eerder ontmoet”, zegt het meisje lachend. “Ohja, wanneer dan? Het spijt me als ik je niet herken! “In Pushkar, je wilde de tempel in en ik bood aan op je tas te letten.” Sergio, haar vriend staat haar bij, “Ja ze vertelde het mij later, ik snap wel dat je niet op haar aanbod bent ingegaan, het klinkt ook echt belachelijk. Maar ze bedoelt het allemaal goed hoor, ze heeft een hart van goud!” Ik lach, “nou ik wilde het eerst wel, maar pas toen ze zelf zei: ‘ik wil je spullen niet stelen dacht ik ja het is misschien niet zo slim om onbekenden meteen te vertrouwen.” We lachen.

Guilia en ik gaan dan toch maar naar het dakterras. De jongen probeert ons over te halen om naar het meer te gaan. “We gaan met de auto dan kan Sergio, ook mee, het is niet goed voor hem om de hele dag op bed te blijven liggen”. Sergio voelt zich te ziek en blijft liever in bed. Hij ziet er ook echt beroerd uit. Ik ben blij dat Guilia en ik samen gaan, de jongen is me net even té enthousiast, maar misschien is hij wel gewoon aardig geen idee.

Het meer 

Het meer is inderdaad prachtig met de ondergaande zon. Op de terugweg zetten we Guilia af in een straat, ze moest nog wat fruit kopen ofzo. Nu zit ik alleen met de jongen in de auto en het is uiterst ongemakkelijk. Hij rijdt naar zoals hij het noemt ‘de beste plek voor chai’ maar het gaat al sluiten. Het is een typisch Indiaas schuurtje “waar de locals graag komen”, zegt hij. Gelukkig gaan we nu terug naar het hotel.

Guilia en Sergio zie ik in de kamer. “Ik bedacht me later dat ik je natuurlijk ook mee kon vragen.” Ze zijn Italiaans gezellig en aardige mensen waar het goed mee klikt. Het zijn echt trotse Italianen Zoals bekend van mensen uit Sardinië zijn ze erg trots op hun eiland. Ik zou er graag nog eens heen willen. Laten ze mij nou ook nog eens uitnodigen om eens langs te komen… Goud!

We eten in het hotel, omdat Sergio te zwak is om buiten de deur te gaan. Het eten smaakt prima we hebben een paar curries en roti besteld. Leuk als je met meerdere mensen eet dan kun je van alles een beetje proeven en het eet een stuk gezelliger.

 

follow us:
Facebooktwittergoogle_pluspinterestrssinstagram

Geef een reactie