Allahabad, ‘gevangeniscel’

Allahabad, 21-12 ‘gevangenis cel’

De kamer

Na een zeer lange en vermoeiende busrit kom ik aan in het plaatsje Allahabad. Het is inmiddels alweer donker. Ik ga opzoek naar een slaapplaats, maar opnieuw is dit een plaats waar niet veel toeristen komen en zeker geen backpackers. Er zijn geen hostels op hostelworld of booking.com te vinden en uit eindelijk neem ik een tuktuk naar een hotel/guesthouse.

De man bij de receptie biedt mij een single room voor 650rp aan. Ik knik. Maar zodra ik de kamer zie moet ik toch even slikken. Ik denk na over mijn travelbudget en hoeveel meer, een degelijke hotelkamer wel niet moet kosten. De gevangenis cel is juist een leuke uitdaging. Het is vrijwel zeker dat het een voormalige gevangenis is geweest, er is geen douche alleen koud water en een emmer, een gat in de grond, het bed is smoezelig en het meest grappige vind ik het tv-tje aan de muur. Waarom zou je hier in godsnaam tv willen kijken.

Avondmaal

Ik heb best wel trek en ga opzoek naar iets te eten. Na een tijdje te hebben gewandeld door de straat geef ik de hoop voor een restaurantje maar op en ga lokal. Bij een stalletje bestel ik een chai, een samosa en nog een ander soort deegbal. Daarmee vul ik mijn buikje. Gewoon zittend op een houtenbankje in de straat waar autos voorbij razen. Na een tweede chai loop ik weer terug naar mijn hostel. Ik neem een kortere route door een zijstraat te nemen. Ik ben niet snel bang, maar bedenk me wel even dat het misschien niet zo slim is om dit tijdstip. Terug in mijn gevangenis kamer sluit ik de zware ijzeren deur. En rol mijn slaapzakliner uit over het stoffige bed.

De heilige koe

Buiten hoor ik geluiden van de straat en het geloei van een koe, spelende kinderen, verder weg het getoeter van het verkeer en het luiden van een bel (van een tempel). Ik pak mijn spullen in en vraag of ik mijn tas even achter kan laten. Dat is geen probleem. Ik ga op pad voor sightseeing. Een halfuurtje lopen door de stad, zo was ik dat gewend in vrijwel alle Europese steden ik zover geweest ben. Hier lijkt het vrijwel onmogelijk. Ik word veel aangesproken, tuktuk divers lijken maar niet begrijpen dat een toerist gewoon wilt lopen. Onderweg neem ik mijn ontbijt welke bestaat uit een chai en bij een ander stalletje neem ik twee bananen. Het Indiase ontbijt is mij allemaal een beetje te kruidig/pittig zo in de ochtend, dat zal nog wat worden.

Thombe

Ik loop naar het Khurso Bagh, welke de tombe van Nithar bevat. Eigenlijk zijn het een viertal graftombes van Jahangir, zijn vrouw, zijn dochter en moeder. Jahangir was empire van het subcontinent India in 1605-1627. Zijn naam betekend ‘Concur of the world’.

Ik kan de graftombes niet van binnen bezoeken dus na een poosje heb ik het wel gezien. Via een andere poort verlaat ik de plek. Aan de andere kant is een lokale markt, waar ik een stukje India ervaar. Van alle kanten zitten mensen met hun koopwaar, vaak gewoon op een kleedje, soms met een kar. Veel is groente en fruit, wat me opvalt is dat de meeste maar 1 of 2 soorten hebben. Bijvoorbeeld een halve kar vol knoflook en de rest uien. Een ander kraampje verkoopt alleen papaya’s. etc. er is dus niet heel veel onderlinge concurrentie, maar toch word er druk geschreeuwd om hun koopwaar aan de man te brengen. Alles loopt door elkaar, mensen, koeien, scooters, geiten, kippen. Na een klein stukje heb ik het al snel gehad en loop via een zijstraat terug naar het begin. Een flink eind loop ik door de stad terug naar mijn hotel.

Busrit

Ik neem opnieuw de bus, weer een local bus. Iets anders hoef ik niet te verwachten in een afgelegen plek als Allahabad. Er is hier niet veel te zoeken. Na weer een flinke rit kom ik aan in Lucknow, waar ik een fijn hotel heb geboekt. Na die nacht in de gevangenis kamer, vond ik het tijd voor iets degelijks. Opnieuw is Lucknow een stad waar je geen hostels zal vinden en ook niet zoveel reizigers. Ik betaal liever iets meer voor een goede kamer dan weer een zonde van het geld plek.

Ik ga erop uit voor wat eten, helaas slaag ik er niet in een goed restaurant te vinden, maar wel iets watt mij heel gelukkig maakt een soort namaak KFC. Eindelijk kip! En tot slot een ijsje. Met mijn cornetto in de hand loop ik als een blij tevreden meisje terug naar mijn hotel, waar ik geniet van een degelijke warme douche en er zijn zelfs engelse zenders met fiilms oa. Ik lig in het veelte grote bed. Waar ik van links naar rechts wel 3 keer kan omrollen, als ik dat zou willen. Ik kan er bijna in verdwalen zo groot. Nu meer dan ooit mis ik mijn vriend. Het gevoel is zo sterk. Gelukkig kunnen we bellen.

 

follow us:
Facebooktwittergoogle_pluspinterestrssinstagram

Geef een reactie